'Working together making a difference' | Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik

U bent hier:Home > Taskforce > Blog San Diego International Conference > 'Working together making a difference'

'Working together making a difference'

Eva Kwakman is zedenofficier en lid van het programmateam van de Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik. Ze bezocht in 2014 de 'San Diego International Conference on Child and Family Maltreatment' in de Verenigde Staten. Daar nam ze onder andere een kijkje in een Family Justice Center.

Dag 1

De eerste dag op het internationale congres over kindermishandeling begint met een ontmoeting met een aantal andere Nederlandse gasten in de rij bij het ontbijt. Vanaf dat moment - zo rond 7 uur lokale tijd - tot eind van de avond ben ik in gesprek met mensen over het vak. Bij de welkomsreceptie aan het eind van de dag spreek ik Victor Veith. Hij is officier van justitie geweest en in het specialisme kindermishandeling gerold. Zo gaat dat met specialismen. Inmiddels werkt hij als adviseur bij een nationaal expertisecentrum kindermishandeling in Minnesota dat samen met universiteiten en ziekenhuizen onderzoek doet naar kindermishandeling. Ook geven ze advies aan onderzoekteams in concrete zaken, over hoe je een goed onderzoek opbouwt.

Deze onderzoeksteams bestaan standaard uit zowel hulpverleners (social workers) als uit politiemensen, met de officier van justitie als een soort leider onderzoek. Deze samenwerking tussen de diverse beroepsgroepen is bij wet vastgelegd en loopt als vanzelfsprekend. Op mijn vraag of ze geen moeite hebben om bijvoorbeeld medische gegevens boven tafel te krijgen - iets wat in Nederland vanwege het beroepsgeheim niet altijd makkelijk is - vertelt hij dat artsen juist aansprakelijk zijn als ze relevante informatie NIET delen.

Eerder op de dag volgde ik een werkgroep onder leiding van deze Victor Veith. Deze gaf hij samen met een arts, een van de 250 gespecialiseerde artsen in de VS. De werkgroep ging over hoe je een zaak opbouwt rondom verwaarlozing, in de voorbeelden met dodelijke afloop. Net als in Nederland is bewijzen dat is niet is gebeurd - in dit geval een kind eten geven - altijd een stuk lastiger dan dat iets wel is gebeurd. Veith en de arts gaven een prachtige les in deductie: kijk naar wat je ziet en aantreft, bedenk wat hiervoor als niet-strafbare verklaringen kan worden gegeven en bevestig of ontkracht die optie. Waarbij met name opviel hoeveel onderzoek ook de arts hiernaar deed, zij keek zelf naar de foto's van de woning van de verdachte ouders die door de politie waren gemaakt. Hoeveel babypoeder is er in totaal gekocht, hoeveel daarvan staat er nog in de kast en klopt dan wel dat moeder zegt dat het kind altijd alles uitspuugt? Liggen er kranten in huis, of diploma's van school of opleiding en klopt dan wel dat moeder zegt de aanwijzingen van de arts niet te kunnen lezen of begrijpen? En voor mij nieuw: het napoleon-verweer: "maar meneer de rechter, hij is gewoon klein uitgevallen, net als wij allemaal in onze familie". De arts benadrukte keer op keer het belang van meten en wegen van kinderen: "And behold: if you feed them, they will grow!!"

Dag 2

kinderenveilig afbeeldingFoto: Taskforcelid Annemarie Penn bij het family justice center.
De tweede dag van ons bezoek. Een flinke groep Nederlanders gaat op bezoek bij het family justice center in Anaheim, een voorstad van Los Angeles. We worden zeer gastvrij ontvangen door een team van mensen, met de enthousiaste Elia als aanvoerster. Ze vertelt ons over de werkwijze van het centrum, waar inmiddels 15 organisaties rondom slachtoffers van (seksueel) geweld binnen het gezin samenwerken. Het centrum wordt geleid door de politie, die hun onderzoek in huis doen onder leiding van de eveneens in het pand aanwezige officieren van justitie. Maar de (meestal) vrouwen die binnenkomen worden door alle procedures heengeleid door medewerkers van de gemeente, de zogenaamde advocats. Zij brengen de dames in contact met de relevante partijen, die allemaal een eigen spreekkamer hebben. Zo is er een speciaal "contactverbod-kamer" waar de benodigde formulieren worden ingevuld. Of een "immigration-advice" kamer, voor - veelal mexicaanse - vrouwen die geen aangifte durven te doen omdat ze bang zijn te worden uitgezet; een angst die lang niet altijd terecht is. De kamers zijn huiselijk ingericht. Voor kinderen is er een speciale wachtruimte die gedoneerd is door het nabijgelegen Disneyland. Die stuurden hun decoreerders, waardoor je bij binnenkomst in "finding nemo" stapt. Boven zitten alle medewerkers in "cubicals" te werken, waardoor ze veel contact met elkaar hebben. Er zitten mensen op het gebied van ouderenmishandeling, verdwenen mensen, seksueel misbruik, maatschappelijk werk, fundraising etc etc. Maar ook wordt er door de medewerkers in samenwerking met scholen en gemeente voorlichting gegeven en doen ze aan "empowerment of the community"  Ze worden door hun eigen organisatie betaald en doen hun eigen werk in het centrum. En dat is een zeer gewilde baan, waar je uitgebreid voor moet solliciteren. Begrijpelijk, want deze mensen zitten met een enorme drive midden in hun stad werk te doen waar ze direct de resultaten van zien. Zoals hun motto zegt: "working together making a difference".

Dag 3

In de ochtend bezochten we de zeden- en kindernishandelingspolitie in San Diego. Alle zaken met slachtoffers onder de 14 jaar worden daar door 1 team afgedaan. Elke ochtend komen de dagrapporten van de kinderbescherming binnen. Deze ochtend zo'n 30, in totaal zo'n 7000 per jaar. De kinderbescherming heeft meer informatie over een gezin dan de politie, ook meer over eerdere politiemeldingen. Dat heeft te maken met de schaal waarop de kinderbescherming werkt: meer regionaal dan lokaal. Alle gegevens bij de politie zit in gele mapjes, rijen en rijen gele mapjes. Opgeslagen op naam van de moeder. De nieuwe melding wordt bij de eventuele eerdere informatie gevoegd en daarna wordt besloten of een onderzoek door politie wordt gestart en of en zo ja hoe men gaat samenwerken met een ziekenhuis of met de kinderscherming. Opvallend verschil met Nederland is de 'mandatory report': een hele rij beroepsbeoefenaars, waaronder artsen en leraren, is verplicht om kindermishandeling te melden. Hierdoor is de politie vroeg betrokken na een eerste aanwijzing van een strafbaar feit, waardoor sporenonderzoek etc nog goed uit te voeren is. Wat ook opvalt is de grote overeenkomst tussen de zaken in de VS en die bij ons. Dezelfde dilemma's doen zich voor, dezelfde risico's en juridische haken en ogen.

In de middag zie ik nog een film over de ontwikkeling van het brein van kinderen die leven onder invloed van stress die het gevolg is van moeilijke leefomstandigheden en zorgen van ouders. Onderzoek op ratten heeft laten zien dat een moederrat die niet voldoende materiaal heeft om een goed nestje te bouwen voor haar kleintjes, nauwelijks toekomt aan het likken en knuffelen van deze kleintjes. Die groeien vervolgens op tot ratten die veel gestrester zijn en veel  angstiger. En onderzoek op hun hersenen laat grote verschillen zien in hoe deze zijn opgebouwd. Bij deze film was voor mij indrukwekkend hoeveel effect het heeft op een baby als je alleen met een neutraal gezicht naar ze kijkt. Binnen een minuut wordt een eerst vrolijke baby onrustig, gaat huilen en schreeuwen om echt contact met zijn moeder te krijgen. De moeder die er dus wel is, maar heel vlak kijkt. Je kan je zomaar indenken dat de effecten die gezien zijn bij de ratten zich ook bij mensen voordoen. Iets wat uit eerste langdurig onderzoek op een grote groep kinderen over nu ruim 15 jaar inmiddels blijkt.

Dag 4

Het congres is opgedeeld in diverse werkgroepen. Op elk uur van de dag kun je kiezen uit zo'n tien parallelle sessies. Elk op een eigen gebied. Medisch, gespecialiseerd medisch, verhoren van kinderen, opsporingsonderzoek, vervolgen van zaken etc. Nuttige verdeling, waardoor er voor iedereen iets is, maar tegelijkertijd kom je daardoor vaak de mensen uit je eigen vakgebied tegen. Daarom hebben de Nederlandse deelnemers besloten vanmorgen met alle beroepsgroepen samen om tafel te gaan, om te kijken hoe we de aanpak van kindermishandeling in Nederland een stap verder kunnen krijgen. Alle aanwezigen vertellen ombeurten wat zij graag zouden zien gebeuren. En er blijkt een verrassende overeenstemming te zijn. Zo is men voorstander van een kwaliteitskader voor multidisciplinair werken, van goede of zelfs verplichte informatie-uitwisseling bij verdenking van kindermishandeling en van het oprichten van een netwerk van professionals die zich met het onderwerp en de onderlinge samenwerking bezighouden.

kinderenveilig afbeeldingFoto: Taskforcelid Annemarie Penn ondertekent het verdrag.
T
askforceleden Annemarie Penn en Elise vd Putte beloven deze onderwerpen mee te nemen en zich in te zetten om ze verder te brengen. De aanwezigen besluiten zich allen te verbinden aan echte verbetering en elkaar daarbij te ondersteunen. We noemen dat "Het verdrag van San Diego".

In een tweede sessie worden wij voorgelicht over wat wel en niet te doen bij het verder brengen van multi-disciplinair werken, door Charles Wilson. Hij is de voorzitter van het congres dat door het multi-disciplinaire centrum in San Diego wordt georganiseerd. Aan het eind van deze sessie wordt besloten het "verdrag" te ondertekenen, wat leidt tot een ietwat hilarische sessie met stiften en heel veel fototoestellen. Maar ook een sessie met wel degelijk een serieuze ondertoon: we willen echt met iets terugkomen en echte stappen zetten. Volgend jaar halen we onze verklaring er weer bij en dan willen we kunnen zeggen dat we echt iets hebben bereikt. En misschien wel de droom/wens van Francien Lamers - onze Nederlandse gastvrouw en al decennialang voorvechter van multidisciplinaire aanpak - helpen laten uitkomen: voor dat ze doodgaat in elke regio in Nederland een multidisciplinair centrum.